Een nieuwe levensles. Deze keer van mijn man. Vanochtend aan het ontbijt zegt hij: ik vind social media eigenlijk heel asociaal. Want het krijgt voorrang boven de persoon die voor je staat of waarmee je praat. Of dat nu bij de klantenservice is, op je werk of thuis.

Ik moest nadenken over die opmerking. En ik geef hem gelijk. Ik ga nu iets zeggen wat niet gezegd mag worden. Wat in ieder geval zelden gezegd wordt. Over de andere kant van social media.

Ik las laatst een artikel over de voordelen van social media: het levert een groot netwerk en omzet op. Waarschijnlijk, ja. En: er is een andere kant. De kant die ons onverdraagzaam maakt. Loopt een gesprek niet naar onze zin, gaan we even snel Twitter, LinkedIn en Facebook checken. Idem als een vergadering te lang duurt. Even snel voor het eten, even tussendoor als het kind een (te) lang verhaal heeft over wat het meegemaakt heeft. Geen beschuldiging. Wel een constatering.

Social media als convenience, excuus en vlucht. Uit het hier-en-nu naar daar, toen en dan. Niet zo mindful. Niet zo sociaal. Niet zo respectvol voor de ‘offline’ mensen om je heen.

Dit verhaal over social media brengt me op iets anders. Ik heb een collega coach gevraagd om feedback te geven op mijn blog c.q. site. Ze vertelde dat ze het niet prettig vond dat ze geen koppen kon snellen. Even snel een beeld krijgen van hoe en wat. En ze heeft gelijk, mijn teksten zijn niet zo kort. Daar ligt nog een uitdaging voor mij.

En tegelijkertijd zegt dat iets over mij als coach en counselor. Ik ben niet van koppen snellen. Ook niet van de gouden bergen en quick fixes in 3 sessies. Niet van het smetteloos geluk van ze leefden nog lang en gelukkig. Niet van de beloftes dat je leven nooit meer het zelfde zal zijn.

Mooi he, ik heb ontdekt wat mij mogelijk onderscheidt van andere coaches. Wat mij uniek maakt. En dat is balans. Het evenwicht tussen geluk en ongeluk, social media en in het hier-en-nu zijn, om maar wat te zeggen.

Ik leer mensen om hun kwetsbarheid te omarmen én om te gaan staan en te schitteren. Ik leer ze om zwak te zijn én sterk te zijn. Om te verdragen wat er is én volkomen gelukkig te zijn.

Ik vond het een geweldig compliment toen een van mijn klanten zei na afloop van een gesprek: ik heb nu van je geleerd om te verdragen. Dat ik onzeker ben. Dat het pijn doet. Dat ik de confrontatie overleef. Dat ik het even niet weet. En dat het oké is.

En zo is het maar net. En mijn lief maar zeggen dat social media nutteloos is.

Vorige week was ik naar een bijeenkomst voor ondernemers. Ik kwam daar een zakenman tegen die ik voor het laatst vier jaar geleden gesproken heb. We waren toen beiden lid van een beroepsvereniging voor organisatieadviseurs en zaten in een gezamenlijk intervisiegroepje.

De bijeenkomst stond in het teken van creatief dialoog, het uitspreken en toetsen van gedachten, om daarmee oprechte verbinding aan te gaan met de ander. Het gesprek ging deze keer dan ook niet over koetjes en kalfjes, maar, je raadt het al, over onze verborgen gedachten. Zo kwamen we erop om met elkaar te delen wat we van de ander ons herinnerden…van vier jaar geleden. Mijn gesprekspartner zei: nou, ik weet nog dat je vaker niet dan wel aanwezig was bij de intervisie.

Ik werd stil. Ik moest slikken. En nog eens slikken. Ik had de neiging om allerlei argumenten te verzinnen waarom het toen zo was. Maar ik kon geen argumenten verzinnen. Ik wilde het eigenlijk ook niet. In plaats daarvan voelde ik verdriet.

Is dit wat ik wil? Is dit hoe ik herinnerd wil worden door anderen? Nee! Waarom gebeurde het dan?

Ik kan het antwoord wel raden. Ik was (en ben het nog) heel enthousiast over van alles en nog wat en ik hield wel tien ballen tegelijk in de lucht (achteraf was ik toen hard op weg naar mijn burnout). Meestal ging het ook goed het mijn acrobatische toeren, behalve wanneer ik dubbele afspraken had gepland (ik heb overigens nog steeds geen planning- en organisatietalent). Op dat soort momenten moest ik een keuze maken: waar ga ik naar toe en waar meld ik me af? Blijkbaar vond ik toen het intervisiegroepje herhaaldelijk minder waard dan iets anders.

Ik stond alleen niet stil bij de impact en de gevolgen van mijn gedrag. Door een afspraak niet na te komen, gaf ik anderen het signaal dat ik hen niet de moeite waard vond. En dat ik zelf onbetrouwbaar was.

Dat wilde ik écht niet. Waar ging het dan mis? Ik zie nu dat mijn waarden niet matchten met mijn gedrag. Op het moment suprême koos ik voor een activiteit die mij het meeste leereffect of de meeste inspiratie zou bieden. Omdat leren, inspiratie en innovatie belangrijk voor mij waren (en nog zijn). Maar betrouwbaarheid en afspraken nakomen ook.

Ik heb geleerd dat als ik iets doe, zonder na te gaan of dat past bij mijn waarden, overtuigingen en nog een slagje dieper, mijn identiteit, dit wel eens tot een verkeerde keuze kan leiden. Verkeerd in de zin dat ik later, bij nader inzien, toch iets anders had willen doen.

Als je primair vanuit je gedrag redeneert, kan je makkelijk een verkeerde keuze maken. Begin bij je waarden en drijfveren en check of je gedrag daarbij past. Dan loop je minder risico om achteraf spijt te hebben.

Neem even een paar minuten om je af te vragen: waaraan wil je herinnerd worden door anderen? Dit gaat over de grote waarom vraag. En hoe passen je keuzes van dag tot dag hierbij?

Vandaag trakteerde mijn zusje mij op een levensles. Het was zo mooi en zo intens, dat ik er stil van werd. Deze ervaring wil ik graag met je delen.

Mijn zusje is hoofd talent acquisitie bij een internationaal IT bedrijf. Volgende week houdt ze op een nationaal congres een verhaal over employer branding. Ze gaat aan zo’n 100 HR-directeuren vertellen hoe haar bedrijf zich als werkgever profileert en zich aantrekkelijk maakt op de arbeidsmarkt.

Ze vertelde me dat ze dit bloedspannend vond. Ze heeft nog nooit voor zo’n grote groep gesproken. Ook niet voor directeuren. De verwachtingen zijn hooggespannen, je zou er zenuwachtig van worden…ik in ieder geval wel.

Dat was ze ook en ze deelde dat met anderen. Ze heeft haar presentatie doorgenomen met haar baas. Die reageerde met een compliment en ze zei dat de presentatie in geen betere handen zou kunnen zijn. Ondertussen deden mijn interne stemmetjes hun werk en ze hadden voorzien in een passen antwoord op zo’n compliment: daar zeg je natuurlijk gewoon dank je wel op. Je groeit een paar centimeter van trots en denkt dat het gewoon goed komt. Mijn zusje deed iets anders. Ze zei tegen haar baas: oh, ik heb zo nodig dat je dit zegt en mij bemoedigt, want ik doe het in mijn broek van angst.

En daar was ik stil van. Zo mooi, zo puur en zo ongecompliceerd. Als je bang bent, zeg je dat. Als je bemoediging nodig hebt, zeg je dat. Easy, toch? Ik realiseer me dat wij ons (ja, ik ook) vaak niet zo gedragen, en al helemaal niet op social media.

Stel je voor dat je zou schrijven dat je onzeker of bang bent…voor een gesprek, een project, een uitdaging dat je aangegaan bent. Tja, wat zou er dan gebeuren?

We zijn bang voor afgang, voor afkeuring, dat we een paar treetjes zakken op de virtuele statusladder. Tegelijkertijd vermoed ik dat het benoemen van wat er is (angst, onzekerheid, eenzaamheid) wellicht tot mooie, oprechte ontmoetingen zou kunnen leiden. Er zou zomaar iemand kunnen zijn die je bemoedigt. Die jou ziet zoals je echt bent.

En is dat niet wat we met zijn allen uiteindelijk willen: gezien en geaccepteerd worden zoals we zijn?

In het verleden ben ik in sollicitatieprocedures een paar keer afgewezen voor functies die mij naadloos pasten. Hoe is dat mogelijk, vraag je je af. Laat ik een voorbeeld noemen.

Ooit heb ik gesolliciteerd naar een functie van  arbeidsmarktcommunicatie expert bij een zorginstelling. De organisatie zocht een creatief, ambitieus, out-of-the-box denkend iemand, die met behulp van social media ervoor zou zorgen dat de vele vacatures ingevuld zouden worden. Ik was blij verrast dat een behoorlijk traditionele organisatie zo’n lef en innovatief vermogen toonde, ik wilde wel een avontuur wagen met ze!

Naast mijn motivatie en CV heb ik gelijk een voorstel gemaild, hoe ik ervoor wilde zorgen om de arbeidsmarktcommunicatie tot een hoger plan te tillen. Ik daagde ze zelfs uit om van de organisatie de beste werkgever te maken in de zorg. Ik had volop ideeën en was heel enthousiast.

Ik ben uitgenodigd voor een gesprek. En afgewezen. Ik paste perfect bij de functie-eisen van de vacature. Maar niet bij de organisatie. Daar kwam de feedback op neer (en ik was blij met die feedback, want ik realiseerde me dat ik doodongelukkig zou worden bij die organisatie).

Het siert de organisatie dat ze erkend hebben dat ik té creatief, té out-of-the-box-denkend en té ambitieus was voor hun cultuur. Ze wilden toch een meer behoudend persoon, die beter aansloot bij hoe ze zelf waren. Dan maar minder ambities voor arbeidsmarktcommunicatie. Dan maar even niets doen met social media. Dat zou ooit nog wel komen. Misschien…

Tja, zo blijft de dynamiek, de innovatie, creativiteit en out-of-the-box denken iets wat alleen tussen je oren bestaat.

Ik vermoed dat dit de tragiek is van veel organisaties die willen veranderen of innoveren. Men doet een gedurfde stap om vervolgens die stap net zo hard terug te nemen. Want anders-zijn en anders-denken zijn eng en bedreigend. Het impliceert dat je mogelijk je huidige denk- en werkwijze los zou moeten laten.

Naar anderen kijken is makkelijk. Maar hoe is het bij jou, als individu, als ondernemer, als directeur van een bedrijf? Weet je waar je voor staat? En durf je een stap te zetten én je vervolgens daaraan ook te committeren? Durf je de consequenties van je dromen en ambities onder ogen te zien?

Dromen vanuit je luie stoel is makkelijk. Geweldige plannen smeden op papier (of in je hoofd) doet geen pijn en brengt geen risico’s met zich mee. Daar is niet zo veel lef voor nodig. Er is wel lef nodig om uit je luie (of in ieder geval comfortabele) stoel te komen en je droom te gaan leven. Ook al betekent dit dat je er keihard voor zult moeten knokken, van andere dingen af zult moeten zien, dat je mogelijk met onbegrip, weerstand, afwijzing en teleurstelling te maken krijgt. Of dat je niet begrepen wordt. Één ding is zeker: je zult niet meer kunnen volstaan met wat je altijd dacht en wat je altijd deed.

Ik daag je uit. Heb lef. Durf te veranderen.

Ik heb mijn leven aardig op de rit.

Ik heb mijn roeping gevonden in coaching en counseling. Ik heb een lieve man, leuke kinderen, een fijn huis, lieve mensen om mij heen. Ik voel me gelukkig. Dat is niet altijd zo geweest. Een paar jaar geleden heb ik me door een burnout én een depressie geworsteld. In die periode heb ik veel gelezen om mezelf te begrijpen. Een van de dingen die hard van mij binnenkwam, was aangeleerde hulpeloosheid.

Aangeleerde hulpeloosheid is een soort selffulfilling prophecy, waarbij je gelooft dat je geen invloed hebt op gebeurtenissen en daarom je opgeeft om het nog te proberen, al zou je wel degelijk verandering aan kunnen brengen in je situatie.

Het concept van de aangeleerde hulpeloosheid kon ik goed in verband brengen met mijn depressie. Na 3 maanden afwezigheid van mijn werk vanwege de burnout ben ik weer gaan reïntegreren. Bij mijn terugkeer had ik een andere kijk op zaken, maar nog wel de verwachting dat mijn omgeving ook ten goede veranderd zou zijn. Het onder ogen (moeten) zien van het ‘verlies’ dat dit niet het geval was en het waarschijnlijk ook niet zal zijn, heeft tot een depressie geleid… als redelijk rigoureuze manier om het verlies te verwerken. Mijn inzichten in aangeleerde hulpeloosheid maar ook aangeleerd optimisme hebben mij voor een keuze geplaatst: ik kan ervoor kiezen om vast te houden aan de overtuiging dat mijn inspanning en actie tot niets zal leiden of ik kon mezelf nieuwe kansen geven om het opnieuw en nu anders te proberen. Het opgeven van de valse hoop in combinatie met aanvaarding en het streven naar voldoening hielpen mij.

Ik ben ervan overtuigd dat ik invloed heb op hoe ik reageer op mijn omstandigheden, dat ik de verantwoordelijkheid kan nemen voor situaties waar ik niet tevreden over ben. Recentelijk kwam ik erachter, door het lezen van Judith Webber’s boek Kies en ze kiezen jou, dat dit nog iets anders is dan mezelf toestemming te geven om succesvol te zijn.

Uiteraard ben ik mijn eigen sleutel tot verandering. Maar tot succes?

Ik realiseerde me dat mijn ontwikkeling op een bepaald punt bleef stagneren. Het punt van mijn hoofd boven het maaiveld uitsteken, van mezelf succes en excellente resultaten gunnen. Het punt van mezelf goed en waardevol genoeg vinden om de stap te zetten naar meer.

Onbewust heb ik mezelf een dijk van een belemmering opgeworpen om te blijven zitten waar ik zit, om te blijven doen wat ik deed, om me klein, onopvallend en (letterlijk) kleurloos te gedragen. Om maar niet te beginnen aan het boek dat ik altijd al in me droeg.

Dat is nu voorbij!!! Ik heb het heft in eigen handen genomen. Ik heb kleur in mijn leven gebracht, ik heb afgerekend met mijn eigen stemmetjes die mij naar beneden haalden. En ik ben met grote enthousiasme begonnen aan mijn boek. Ik kan je nu al vertellen dat het een geweldig hoopvol, inspirerend én vernieuwend boek zal worden over burnout. Ik ga anderen leren om af te rekenen met burnout en hun aangeleerde hulpeloosheid. Ik ga anderen helpen om weer (of voor het eerst) te gaan schitteren.

En jij, hoeveel toestemming krijg je van jezelf?

Passie is, om met twitter-termen te spreken, trending topic. Iedereen heeft het erover en iedereen wil het hebben. Als je niet vurig over je passie kunt vertellen of nor erger, als je geen passie hebt, dan doe je niet echt mee. Op z’n minst word je niet echt serieus genomen.

Geen wonder dat veel mensen naarstig op zoek zijn naar hun passie. Zo’n beetje elk coachingstrajecten zelfhulpboek besteedt daar aandacht aan, het ontdekken van je passie.

Ik begrijp dat veel mensen op zoek zijn naar hun passie. Er hangt immers veel van af. Aanzien, succes, een mooie loopbaan, voldoening. Passie lijkt het sleutelwoord te zijn voor geluk. Volgens Van Dale is passie hartstocht, hartstochtelijke liefhebberij. Én het lijden van Jezus. En over dat laatste hebben we het nooit. Dat lijden iets te maken zou kunnen hebben met passie.

Mijn overtuiging is dat passie én-én is: hartstocht én lijden. Visie én volharding.

Hier kun je een filmpje van Steve Jobs bekijken, over hartstocht én lijden.

Als je je passie wilt ontdekken, kijkt dan ook naar het lijden. Naar de pijn, de moeite en de teleurstellingen die het kost om je passie te leven. Waarvoor ben je bereid om dag in dag uit keihard te werken, om van andere dingen af te zien, om afwijzing en teleurstelling te accepteren? Om uitgelachen en voor gek verklaard te worden? Om alleen te staan en niet begrepen te worden? Als je die vragen kunt beantwoorden, kom je dichtbij je passie.

Het omzetten van je passie in actie brengt geluk. Martin Seligman belicht in zijn boek Gelukkig zijn kun je leren twee aspecten van gelukkig zijn: genieten en voldoening. Genieten  heeft te maken met zintuiglijk en emotioneel ervaren van extase, verrukking, enthousiasme of behaaglijkheid. Deze gevoelens hebben alléén een nadeel: ze zijn tijdelijk van aard, verdwijnen snel en wennen gemakkelijk. Luxe en rijkdom went. Een tweede ijsje is minder lekker. Als een geweldige film of training voorbij is, is het plezier verdwenen. Gek genoeg maakt een leven van genot iemand erg kwetsbaar voor depressie.

Voldoening daarentegen, krijg je door te doen waar je goed in bent. Door je talenten in te zetten voor een hoger doel. Voldoening en flow ervaar je als je iets doet dat uitdagend is en vaardigheid vereist. Het is niet zo gemakkelijk te verkrijgen als genot. Je moet ervoor ploeteren. Je moet het risico van teleurgesteld kunnen raken onder ogen zien, omdat uitdaging ook falen impliceert. Seligman noemt een mooi voorbeeld in zijn boek: ‘Voldoening is niet altijd plezierig en kan soms zelfs tot veel stress leiden. Een bergbeklimmer kan bijna bevriezen van de kou, totaal uitgeput zijn, he gevaar lopen om in een diepe kloof te vallen en toch zou hij nergens anders willen zijn.’

Voldoening blijkt een krachtige tegengif tegen depressie: de wil om je talenten en competenties te erkennen , te ontwikkelen en actief in te zetten brengt je in je kracht. Seligman noemt een aantal criteria om je karakteristieke competenties te ontdekken:

  • ze geven een gevoel van eigendom en authenticiteit
  • ze geven een gevoel van opwinding bij het gebruiken ervan
  • ze maakt een ontzettende groei door als je deze competenties voor het eerst gebruikt
  • je leert steeds nieuwe manieren om de competentie toe te passen
  • je hebt het verlagen ook om nieuwe manieren te vinden om je competentie in te zetten
  • het gebruiken van de competentie geeft een gevoel van onvermijdelijkheid (‘Probeer me maar eens tegen te houden’)
  • het gebruiken van de competentie geef je energie, vreugde en enthousiasme

Via de site van Martin Seligman kun je een (Engelstalige) test (de VIA Signature Strengths Questionnaire) doen om je kerncompetenties te ontdekken. Je dient wel eerst aangemeld te zijn.

Vier het leven!

De lente is onmiskenbaar in aantocht. Aarzelend, maar onherroepelijk. De lente is het symbool van nieuw leven. Met Pasen vieren we Jezus’ dood en opstanding en daarmee het nieuwe leven dat we ontvangen hebben. Met de lenten vieren we ook de hoop op vernieuwing, heling, groei en transformatie.

Ik word blij van de lente. Vanwege de symboliek, de lucht, de vogels, de ontluikende natuur, de mensen die opleven en meer glinstering in de ogen krijgen. Tegelijkertijd realiseer ik me dat er veel mensen zijn die het leven niet (kunnen) vieren. Omdat het tegenzit. Omdat ze niet zouden weten hoe zij de glinstering in hun ogen terug kunnen krijgen.

En dat is de reden dat ik meedoe aan een mooi initiatief van Steunpunt Levenskunst.

‘Het leven zit wel eens tegen. Wij, de begeleiders van het Steunpunt Levenskunst, weten uit ervaring dat juist dan een luisterend oor belangrijk is. Dat het helpt als er iemand is met aandacht en tijd. Het geeft (soms letterlijk) lucht om begeleid te worden door een professional. Door iemand die in staat is om tijdens een goed gesprek nieuwe denkrichtingen aan te boren. Iemand die weet om te gaan met dat wat het leven soms lastig maakt.
Op 21 maart vieren we het begin van de lente, de dag van het leven en daarom doen we dit aanbod: Gebruik onze expertise en tijd en maak een afspraak voor ‘een goed gesprek’. Gedurende de komende drie maanden heb je de mogelijkheid om zonder kosten een betekenisvol gesprek te voeren met een begeleider bij jou uit de buurt, voor als het ‘zelf-doen’ even niet meer lukt of een ‘goed gesprek’ met anderen maar moeilijk op gang wil komen. Zie het als een cadeau van ons allemaal voor jou.’ De deelnemende praktijken van professionele begeleiders (door heel Nederland verspreid) die dit aanbod doen, zijn op Steunpunt levenskunst te herkennen aan de banner van de dag van het leven.

Ken jij iemand die jij meer glinstering in de ogen gunt? Of misschien verlang je er zelf naar om het leven weer te kunnen vieren? Neem een kijkje op Steunpunt levenskunst of neem contact met mij op voor een kostbaar (én kosteloos) gesprek.

Geluk is een gewild product. Iedereen wil gelukkig zijn. Geluk is niet te koop, maar toch willen we veel betalen om gelukkig te zijn. Een zinvol leven lijkt synoniem te zijn aan een gelukkig leven. Geluk als recht. Sterker nog, geluk als een morele plicht. Immers, als alles maakbaar is en jij verantwoordelijk bent voor je geluk, dan is het ook je eigen schuld als je niet gelukkig bent, toch?

Ik heb zo mijn twijfels over het concept geluk en de gangbare definitie ervan. Vaak worden positieve emoties en geluk over één kam geschoren. Als je positieve emoties voelt en de negatieve achterwege blijven, dan ben je gelukkig.

Maar wat is geluk? Geluk is per definitie een subjectieve beleving en iedereen verstaat er iets anders onder. Om maar een idee te geven, nodig ik je uit om een paar van de 146 definities van geluk te lezen hier

Is geluk datgene wat het leven van ieder mens zin geeft? En is geluk het énige wat het leven zin geeft? Is geluk het énige criterium voor een goed of zinvol leven?

Geluk is wat mij betreft geen eindbestemming, geen einddoel. Het is een prettige geestestoestand, niets meer en niets minder. M. Kets de Vries formuleert het zo: “geluk vinden is iets anders dan op een station aankomen. Het is niet zo dat we op een dag ergens arriveren en plotseling vervuld zijn van geluk. Er gebeuren geen wonderen als we op een eindbestemming aangeland zijn. Altijd is er een volgend station. Geluk is de manier waarop we reizen”.

Volgens mij zijn er andere elementen die minstens zo belangrijk zijn in zingeving als geluk. Voor de een is dat verbinding met andere mensen. Voor andere mensen is het tot bloei brengen van hun potentieel (tot hun bestemming komen, wat het ook mogen zijn), voor anderen is dat het bijdragen aan een vreedzame wereld.

Als ik zelf mocht kiezen, ga ik meer voor ‘levenskunst’ dan voor geluk. Levenskunst vraagt om het herkennen en erkennen van de grenzen van het maakbare: er zijn problemen die niet te controleren zijn, er is lijden dan niet kan worden teruggedraaid, er bestaan doelen die niet haalbaar lijken te zijn.

Daarom is mijn definitie van geluk:

Geluk is het omarmen van het leven, van de mooie, hilarische, extatische momenten én van de verpletterende, wegvagende, lege, uitzichtloze momenten.

Geluk is het omarmen van jezelf, je talenten, je mooie eigenschappen, de beste versie van je ‘ik’ én van je schaduwkanten, de haat, de jaloezie, de explosieve woede, de vernietigingsdrift.

Geluk is balanceren. Balanceren tussen de uitersten van het leven, tussen waanzin en normaal-zijn.

Geluk is doorgaan: ondanks en dankzij alles.

Geluk is dankbaar zijn: voor wie je bent en wat je op deze aarde mag betekenen.

Geluk is verbinding. Met jezelf. Met anderen.

Geluk is hart-tot-hart contact.

Wat is geluk voou jou?

De laatste tijd houdt authenticiteit in relatie tot profilering (personal branding) me bezig. Hoe zorg je ervoor dat je zichtbaar bent, dat anderen weten wat je te bieden hebt? En hoe blijf je daarbij jezelf?

Ik heb de afgelopen tijd verschillende boeken en artikelen gelezen over (social) media marketing. Wat me daarin opvalt is dat er een soort paradox ontstaat. Aan de ene kant is het devies om vooral jezelf te blijven, aan de andere kant krijg je een minutieus recept aangereikt hoe je jezelf het beste verkoopt. Dat gaat ongeveer zo: leer de behoefte van je klanten kennen, laat ze zien dat je daar uiteraard het beste antwoord op hebt, zorg ervoor dat je in alle opzichten aantrekkelijk (klantmagnetisch) bent, je moet aardig zijn en je moet tenslotte alle voordelen van je diensten opnoemen. Tja, en zo ontstaan er allemaal dienstverleners die massaal meer geld, meer klanten en meer geluk, minder zorgen en minder stress beloven.

En dan vraag ik me af: wat is hier uniek aan, als iedereen exact hetzelfde recept klakkeloos opvolgt? Met de slimme social marketing tips zijn we allemaal zichtbaar, staan we op een sokkel de waarde van onze diensten de wereld in de schreeuwen – en daarin worden we een eenheidsworst. Wat maakt je authentiek en uniek als je, net als ieder ander, meer klanten, meer geld, meer geluk, minder stress of minder zorgen belooft? Ik zie steeds meer ondernemers die letterlijk deze woorden gebruiken – wat is daar onderscheidend aan?

Begrijp me niet verkeerd, er is niets mis met social media strategieën en slimme tips om je als ondernemer te profileren. Want laten we eerlijk zijn, veel vakmensen zijn minder briljante ondernemers. Je kunt je er je voordeel mee doen. Waar het misgaat is als we met z’n allen klakkeloos de 10 gouden regels voor personal branding volgen en de 15 grootste fouten vermijden en hopen dat we daarmee succesvol worden. Zonder na te denken of het bij ons past, of we daar ook zo over denken. Het is alsof je zou zeggen: lees een goed boek over coaching, volg alle stappen op en je zult succesvol zijn als coach. Ja, het kan heel goed dat een succesvol coach al deze stappen (wellicht exact in dezelfde volgorde) doet, maar omgekeerd gaat de redenering niet op. Om ergens goed in te zijn, is meer nodig dan nauwkeurig een recept opvolgen.

Ik heb lang over nagedacht waarom moeite had met het opvolgen van de social media marketing ‘recepten’. Dat had te maken met twee dingen: recepten en authenticiteit gaan moeilijk samen (als je niet in staat bent om het recept een eigen tintje te geven) en de logische redenering gaat de mist in (je kent vast wel de voorbeelden uit de logica: alle koeien zijn dieren maar niet alle dieren zijn koeien). Ik heb ervoor gekozen om mijn eigen recept te creëren. Sommige tips voor social media marketing heb ik dankbaar opgevolgd, andere naast me neergelegd. Ik wil mijn diensten niet aanprijzen met de standaard mantra’s meer inkomsten, meer klanten, meer geluk, minder stress. Ik wil geen visitekaartje, ik wil de moeite waard zijn om zonder kaartje onthouden te worden. Als je mijn naam of de naam van mijn bedrijf onthouden hebt, doet Google de rest. Zo niet, dan denk ik dat een kaartje daar zeker geen verandering in zal brengen.

Ik heb er lak aan dat ik een website geacht word te hebben zonder een domeinnaam erachter. Dus heb ik ‘gewoon’ een wordpress blog, ja zo’n http://naam.wordpress.com. Gek genoeg heb ik tot nu toe van niemand gehoord dat dit een belemmering of een probleem zou zijn.

Ik ben er gelukkig mee dat ik de dingen doe op mijn manier, zodat ze passen bij mij en een uitdrukking vormen van mijn identiteit. Dan maar niet volgens het boekje ;-)

 

En jij? Durf je creatief (en vooral jezelf) te zijn en je eigen recept te ontwikkelen? Of ga je je in allerlei bochten wringen om iets te ‘bereiden’ wat je niet lekker gaat vinden? Personal branding is jezelf verkopen. Kun je iets verkopen waar je niet 100% achterstaat, wat je gekopieerd hebt zonder doorleefd te hebben?

Op 5 januari was een documentaire op Nederland 3 te zien: de burn-out industrie (klik op de link om deze te bekijken) http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1211374

De cijfers liegen er niet om, volgens het CBS heeft meer dan 13% van de Nederlandse beroepsbevolking burnout-klachten. Volgens 365 is burnout in 2011 met 11% gestegen. Het is onthutsend om te horen dat terwijl er verschillende meningen zijn over wat burnout is en hoe hiermee om te gaan (niemand weet het precies en iedereen denkt er anders over), steeds meer instellingen en bedrijven daarop inspringen met kant-en-klare en peperdure oplossingen.

Wat mij zorgen baart, is de vanzelfsprekendheid waarmee burnout als een stoornis wordt gezien, waarvoor je bij voorkeur een (medicamenteuze) behandeling moet ontvangen.

Het lijkt erop dat burnout zo langzamerhand het voorportaal wordt van een depressie. In de hierboven genoemde documentaire komen verschillende oplossingen aan bod voor burnout: 6 weken geïnternaliseerd therapie volgen in een instelling of antidepressiva slikken.

Daarmee hebben we burnout tot een stoornis gemaakt. Nog even het is terug te vinden in de DSM-IV (of V).

Ik heb burnout gehad. Daarmee zeg ik niet dat ik alles erover weet en alle oplossingen en antwoorden heb. Wat ik wel vind is, dat we de keuze hebben om burnout te zien als een stoornis waarvoor je naar een instelling moet en medicijnen moet slikken of, als een tijdelijk disbalans, dat met vrij eenvoudige (waarmee ik niet bedoel makkelijke!) interventies te verhelpen is.

Het heeft ook te maken met respect. Ik zal uitleggen wat ik daarmee bedoel. Vanuit de visie waarbij burnout een stoornis is, is er sprake van een nadrukkelijk zo niet uitsluitend focus op wat er allemaal mis is. Een hele lijst van zaken die, als je ze herkent en erkent, je zo bang en hopeloos maken, dat je zelf ook in gaat geloven dat je serieus iets mankeert en naar een instelling moet of minstens medicatie moet slikken. Daarmee wordt een zeer eenzijdig beeld gecreëerd en wordt burnout gemedicaliseerd en geproblematiseerd. Dat vind ik zelf gebrek aan respect. Waarom?

Respect komt uit het Latijnse ‘respicere’ en betekent ‘omzien naar en opnieuw bekijken’. Respect tonen is zich openstellen voor de persoon, ongeacht de penibele situatie waarin iemand kan verkeren, ongeacht zijn status of macht, ongeacht zijn eventueel af te keuren gedrag. Respect opent de ogen voor waarden die op het eerste gezicht voor een oppervlakkige waarnemer niet zichtbaar zijn. Niet dat men het slechte of het lelijke niet ziet, integendeel: men wordt er gevoeliger voor. Respect gaat verder dat dit, het gaat dieper en wordt bewogen door de vindingrijkheid waarmee mensen proberen te overleggen of zich proberen aan te passen aan moeilijke omstandigheden.

Door te kiezen voor medicatie, zeggen we impliciet: ik mankeer iets, er is iets defect en het moet zo snel mogelijk gerepareerd worden. Als burnout je zelfvertrouwen nog niet volledig weggenomen heeft, dan doet dit het wel!

Burnout is een vreselijke toestand, laat daar geen misverstand over zijn. Ik wil het niet bagatelliseren of van tafel vegen; burnout is heel ingrijpend en kan zelfs verwoestend zijn als je er niet goed mee omgaat. Tegelijkertijd is burnout iets heel moois, om dankbaar voor te zijn. Het is het laatste strohalm van je lichaam om je te laten weten dat het zo niet verder gaat, terwijl je verstand als een bezetene nog doordendert. Burnout is je kans om respect te tonen aan jezelf. Weet je nog: omzien naar en opnieuw bekijken. Ben je bereid om om te zien naar jezelf en jezelf opnieuw te bekijken?

Burnout kan je zien als een teken van goed functioneren van je lichaam: het is je reddende engel op het moment dat je doof bent voor alle andere signalen. Je komt tot stilstand. Dat is vreselijk en daar zit je niet op te wachten. Slecht voor je carrière en je ego. Maar wat goed voor je innerlijke groei!

Eindelijk word je gedwongen om onder ogen te zien dat de manier waarop je probeerde te (over)leven, niet meer de juiste is. Dit is je kans om de pijn te voelen van de mislukking, van je ploeteren voor acceptatie en waardering (daar gaat burnout ten diepste wel over!), om het disbalans te zien tussen je geven en onvoldoende terugontvangen. Burnout biedt je de kans om te leren om grenzen te stellen, om opnieuw jezelf uit te vinden. Om je te realiseren wat nu echt waarde heeft in het leven en waar je voor gaat.

Of je dat nu bereikt met een quick-fix van 6 weken internalisatie of een potje pillen….

Volgende pagina »

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 875 other followers